Vanaf de WalBia

Sinds ze weet dat de getijgerde teckel bij mij logeert, staat ze weer steeds als ik achteloos langs wandel, driehoog op haar balkon. Bia B, de boezem als vanouds op de balkonrand gedrapeerd, zó dat het decolleté zich in volle glorie openbaart. 'Kopje koffie, buurman?', roept zij vrolijk, maar daar heb ik helaas geen tijd voor en teckel heeft vieze pootjes.

"Heb je het gehoord", roept ze, zo hard dat de hele straat kan meeluisteren, "ze zijn weer nummer 1 bij het AD, dat gelóóf je toch niet." Bia B. zelf is niet zo tevreden over het Beatrixziekenhuis, zo heeft ze mij regelmatig over de balkonrand toegeroepen, maar dat kan natuurlijk zomaar aan Bia zelf liggen. Je hebt tenslotte mensen die nooit tevreden zijn. Zelf lag ik er onlangs weer eens een midweekje, tot genoegen zeg maar. "Iedereen was heel vriendelijk", roep ik naar boven, "en de dokters kwamen netjes aan het bed en het eten was heerlijk en de zusters waren heel aardig en kundig, dus je moet niet zo lelijk doen, Bia."

Ze zet zich schrap, zakt haast onmerkbaar een stukje door de knieën, waardoor het decolleté zich nog pikanter toont. "De AD meet alleen maar het kwaliteitssysteem", roept ze, "of ze daaraan voldoen. Of ze de cijfers goed bijhouden. Dat zegt niks over de echte kwaliteit. Bij ons zeggen ze: hoe hoger ze scoren in het AD, hoe slechter voor het personeel." In stilte denk ik even terug aan de aardige zuster, die tijdens de aanleg van het infuus klaagde over de almaar toenemende werkdruk en aan de arts, die vertelde dat zijn directe collega vertrokken was, uit onvrede met het dictaat van het management om het aantal minuten per consult nog meer te beperken. Bovendien is Bia wel een insider, zij werkt al jaren bij de thuiszorg. Van hetzelfde Rivas.

"Moet jij niet werken", vraag ik. "Nee, ik ben ziek", roept ze, gezond blozend, "ik ben namelijk overwerkt, ik heb een burn-out." Als bij toverslag schiet een bleke tint in de konen. "Het komt allemaal door de zogenaamde managers van tegenwoordig. Die zijn na de HAVO een paar jaar naar school geweest en dan heten ze manager in de zorg en dan komen ze ons vertellen dat het allemaal anders en beter moet dan we het altijd gedaan hebben. En in plaats van begeleiding en coaching krijg je dan af en toe cursus over het een of ander en als je een vrije dag wil moet je dat een half jaar van tevoren in een of ander systeem aanvragen bij iemand die je helemaal niet kent en die vertelt je dan drie maanden later dat het niet kan en dan heb je je vakantiehuisje al besproken. En daar werd ik dus ziek van." Ze roept het in één lange, boze adem. Daar schrik ik van. En de teckel ook. Heimelijk ben ik best trots op ons ziekenhuis. En veilig is het ook. Je zou maar wonen in de stad waar je verplicht in de nummer laatst van de AD-top 100 moet liggen. "Ons halve team is ziek", vervolgt Bia, "en de andere helft is overwerkt of bijna ziek, omdat er zoveel zieken zijn. Wij krijgen nu een bonus als we een nieuwe collega aanbrengen. Ik ben de deuren langsgegaan buurman, want ik wilde best een bonus, maar niemand wil. Bijna iedereen heeft al eens bij Rivas gewerkt, voordat ze een leukere baan vonden. Nee, nummer 1 zijn is misschien leuk voor het kantoor, maar niet voor ons hoor... Ah joh, kom nou effe koffie doen boven, de teckel kan best mee."