Vanaf de Wal#ik niet in Action

De Action schijnt de place to be te zijn dezer dagen. Je ziet het aan de voetgangersstromen in de stad, alle wegen lijken naar de Action te leiden. Of dit komt vanwege de winkel zelf of vanwege het feit dat de opening van een nieuwe winkel op zich al een beduidend nieuwsfeit is, dat zou ik niet weten. Zelfs burgemeester rukte uit om ter opening een fiks roodgekleurd lint - ongetwijfeld uit de eigen Action-schappen geplukt - door te knippen. Overigens was de zaak al twee uur open toen burgemeester kwam knippen, waardoor opening toch een beetje een toneelstukje was. Zou bedrijfsleider omgeroepen hebben: 'wilt u allen de winkel verlaten, want wij gaan openen', zo vroeg ik me af. Maar dit terzijde.

Persoonlijk ben ik altijd een beetje huiverig geweest voor de Action. Een beetje wantrouwend. Ik word er liever niet gezien. Ik bedoel, een winkel waar alle koopwaar zó goedkoop is, dat alle andere winkeliers schaamteloze afzetters lijken, het kan bijna niet waar zijn. Ik ben dan van het soort dat onmiddellijk denkt dat de opeengestapelde artikelen ofwel van een dermate kwaliteit zijn, dat ze na kortstondig gebruik aan vroegtijdige slijtage ten prooi vallen, ofwel door piepjonge kindervingers onder erbarmelijke omstandigheden in elkaar zijn geknutseld. Maar ja, kom daar maar eens mee aan in koopgrage kringen, je wordt terstond als azijnpisser of ouwe lul weggehoond. Immers, de minder bedeelde moet zich toch ook ongans kunnen winkelen als ie daar zin in heeft.

Hoe dan ook, met de stroom mee belandde ik in de Action. En inderdaad, de prijzen bleken nog steeds onwaarschijnlijk laag en de unieke Actiongeur onmiskenbaar, ook in deze versgepleisterde omgeving. Er waren heel veel mensen en heel veel tot de nok gevulde karren, dus ze hebben wel een punt. En twee dames in gesprek. Ik stond mij vol ongeloof aan de prijzen van de kwasten en verfrollers te vergapen toen zij mijn oog en oor trokken. Zij waren niet meer piep, maar wel nog in goede vorm, zeg maar. Zij hadden het over de #metoo acties van de verenigde vrouwen. De door mannen lastig gevallen en/of aangerande vrouwen. "Zo gek", sprak de een, zij droeg een kort vest dat schalks van één schouder was gezakt, "iedereen om me heen heeft het meegemaakt, maar ik niet, nooit, zo gek, gek toch, ik vraag me af, hoe kan dat nou?" "Meen je dat nou?', zei de ander verrukt - zij droeg een neutrale grijze jas - "ik ook niet, ik durf het bijna niet te zeggen, maar ja, omdat jij erover begint, nooit lastig gevallen, nooit betast, nooit in de billen geknepen. En dan kijk ik om me heen en dan denk ik, zijn andere vrouwen nou zoveel aantrekkelijker dan ik? Of, ja wat is dat toch?" "Precies", beaamde het schalkse vest enthousiast, "je gaat toch een beetje aan jezelf twijfelen." Ze moesten een beetje giechelen, waarbij de grijze jas een stukje openviel. Er zat een keurig geel truitje onder, van fijne wol. Toen zij om zich heen gluurden, zagen ze mij. Ik was te laat met schielijk wegkijken. "Heb ik wat van je aan of zo", bitste het vest. "Nee hoor", zei ik zo beleefd mogelijk, "tenminste zo te zien niet". Dat was fout. "Oh", kraaide de gele trui, "sta je ons nu met je ogen uit te kleden?" Ze keek tamelijk triomfantelijk naar het vest. Ik schraapte de keel en verliet de Action, zonder kwast of roller. Als man kun je je dezer dagen beter gedeisd houden.

jos huibers