• Jos Huibers

De veelpleger

Ik had er geen weet van, noch van het woord veelpleger, noch van diens aanwezigheid in ons Gorcum. Tot het onheilspellende bericht vorige week op de website van deze krant, dat de veelpleger, na een woeste achtervolging dwars door de Gildenwijk, was opgepakt. De veelpleger in kwestie had het de tenminste vierkoppige politiepatrouille knap lastig gemaakt door zich eerst te verstoppen in een zogeheten Kliko en vervolgens geheel gekleed te water te gaan. Dat maakt wel duidelijk, dat het niet zomaar de eerste de beste veelpleger betreft. Ik bedoel, het begrip veel moet in dit verband ruim worden opgevat.

Kijk, ik vermoedde natuurlijk wel, dat er in ons Gorinchem diverse plegers zouden rondlopen, lieden, die een enkele keer wat plegen of gepleegd hebben. Te denken valt hierbij aan een klein diefstalletje van een fietsje, een vergrijpje, een overvalletje, een burengeruchtje of zelfs een zedendelictje, maar bij de mogelijkheid, dat zich onder de Gorcumse bevolking ook een veelpleger bevond, eerlijk, ik had er nooit bij stil gestaan.

Bij de plaatselijke bakker wordt er druk over gespeculeerd. 'De man moet wel verschrikkelijke dingen gepleegd hebben, anders probeer je je niet in een kliko te verstoppen', veronderstelt de jonge broodverkoopster. 'Ik vraag me echt af of de kliko vol was of reeds geleegd', oppert een dame op leeftijd, waarbij ze een heel vies gezicht trekt. 'Er kan nooit veel in gezeten hebben, anders past de veelpleger er nooit bij', veronderstelt een vrij jonge moeder met dochter. 'Nou, een veelpleger is tot alles in staat', peinst de broodverkoopster weer. Op het lichtblauwe schortje plakken wat kruimels. Een oudere heer merkt bedachtzaam op, dat 'we tegenwoordig niet meer van kliko spreken, maar van afval- of groencontainer', maar daar heeft op dit moment van opwinding niemand een boodschap aan.

'Wat is eigenlijk een veelpleger', vraagt het kind. Hoewel aan haar moeder, antwoordt de broodverkoopster. Die heeft er kennelijk voor doorgeleerd. 'Dat is een schurk, die heel veel stoute dingen tegelijkertijd pleegt', zegt zij wijs. 'Oh', zegt het meisje met een bang gezicht. Zij schudt treurig haar jonge hoofdje.

'En toen is hij in het water gesprongen, nota bene helemaal bij de Wijnkoperstraat', zegt de dame op leeftijd, 'het is een hele vieze sloot hoor, dus de veelpleger moet wel vreselijke dingen op zijn kerfstok hebben gehad.' 'Die dacht natuurlijk een tijdje onder water te blijven, met een rietstengel in zijn mond, net als op tv', schampert de broodverkoopster. 'Mooi, dat daar geen riet groeit', glundert de Kliko. 'Maar een van die agenten is hem direct nagesprongen', meldt de moeder. 'Maar die had wel eerst zijn jasje uitgetrokken', kraait het meisje. 'Ja, vind je het gek', roept de moeder. 'Die agent verdient een standbeeld', vinden ze allemaal, 'Elke veelpleger is er een te veel.' En dat allemaal terwijl Dirk Zwart over de Linge kanode. Voor Afrika.

Jos Huibers