Dijkversterking Gorinchem Waardenburg

GORINCHEM De Commissie m.e.r. adviseert om in het milieueffectrapport voor de dijkversterking Gorinchem – Waardenburg duidelijk te maken wat er echt moet gebeuren om de hoogwaterveiligheid te garanderen en de gevolgen hiervan voor landschap, leefomgeving en natuur concreet in beeld te brengen.

De onafhankelijke Commissie m.e.r. is bij wet ingesteld en adviseert over de inhoud en de kwaliteit van milieueffectrapporten. Zij stelt voor ieder project een werkgroep samen van onafhankelijke deskundigen.

De Commissie schrijft geen milieueffectrapporten, dat doet de initiatiefnemer. Het bevoegd gezag - in dit geval de Gedeputeerde Staten van de provincies Gelderland en Zuid-Holland - besluit over het project. Zie ook www.commissiemer.

Het project De provincies Gelderland en Zuid-Holland, waterschap Rivierenland, betrokken gemeenten en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat willen de dijk aan de noordzijde van de Waal tussen Gorinchem en Waardenburg versterken, omdat deze niet meer voldoet aan de veiligheidsnormen. In een concept milieueffectrapport worden eerst verschillende alternatieven onderzocht. Vervolgens wordt in een definitief milieueffectrapport het voorkeursalternatief gedetailleerd uitgewerkt.

Het College van Gedeputeerde Staten van Gelderland heeft de Commissie m.e.r. gevraagd te adviseren over de inhoud van het milieueffectrapport. Het advies Het dijktraject Gorinchem - Waardenburg kent een relatief zware hoogwaterveiligheidsnorm vanwege de grote gevolgen bij overstroming. De omvang van de ingreep is zeer bepalend voor de effecten op de omgeving en voor de keuze tussen de alternatieven in dijkversterking.

De Commissie adviseert daarom het rapport te benutten om duidelijk te krijgen wat er echt moet gebeuren voor hoogwaterveiligheid en gebruik te maken van de ruimte die de nieuwe veiligheidsnorm biedt. Zij adviseert de effecten van de verschillende alternatieven op een zodanig detailniveau in beeld te brengen, dat een goede onderbouwing van het voorkeursalternatief mogelijk wordt. Bij de keuze voor het voorkeursalternatief adviseert de Commissie de gevolgen voor landschap, leefomgeving en natuur concreet te beschrijven.