• Jos Huibers

'Schrijven is mijn happy place'

GORINCHEM Direct na ons gesprek laat ze me weten dat haar roman 'Julia Jonkers' een Engelse vertaling krijgt. 'Dat vind ik echt heel leuk', schrijft ze. Kim Bonefaas stond met haar debuutroman, met als ondertitel 'single en hartstikke zwanger', wekenlang in de top 5 van meest populaire boeken. Ik tref haar met een enorme koptelefoon op achter de laptop in stadscafé het Gelagh. Zij legt de laatste hand aan het manuscript voor een volgend boek 'Goud en Lavijn', dat, als alles goed gaat, zal verschijnen op Valentijnsdag 2020. ,,Schrijven is voor mij een happy place", zegt ze. ,,Als het even niet zo lekker gaat, of als ik ruzie heb, dan zet ik de koptelefoon op en ga schrijven. Dan is alles weer helemaal goed."

Jos Huibers in gesprek met Kim Bonefaas

Ik had, na het lezen van het boek, een jonge vrouw verwacht, met een baby in een kinderwagen. Maar Kim blijkt een vrouw van 34 jaar en het kind, dat aan het einde van het boek 'Julia Jonkers', na een moeizame en beeldend beschreven bevalling geboren wordt, is inmiddels bijna 10 jaar en heet Mila. ,,Ik heb me ingeleefd in de beleving en de taal van de 23-jarige studente, die ik toen was. Een jonge vrouw, met plannen in het leven, die onverwacht en niet gepland zwanger werd en al snel ontdekte, dat ze het allemaal alleen zou moeten doen." ,,Het boek is goeddeels autobiografisch, maar ik heb er dingen aan toegevoegd, uitvergroot, weggelaten, om het verhaal spannender te maken."

Kim is geboren in Gorinchem, als enige dochter van een vrijgevochten muzikant en een degelijke moeder uit een protestant-christelijke familie. ,,Wij woonden in de bovenstad, eerst in het Laantje, wat later in de Dalemstraat." Vader verliet het gezin toen Kim anderhalf jaar was. ,,Zij pasten niet."

,,Mijn moeder was een echt moedertje, zij ging pas weer werken toen ik 12 jaar was. In het ziekenhuis en later in Het Nieuwe Gasthuis. We hadden het goed. Ik heb alles van haar geleerd. Hoewel vader niet meer in het gezin was, is hij wel altijd een vader voor mij geweest. Ik ben min of meer opgegroeid met de drie zonen in het nieuwe samengestelde gezin van mijn vader, één halfbroertje en twee stiefbroers."

,,Ik werd als een lastige leerling gezien op school. Ze vonden me betweterig. Ik stelde lastige vragen en vond het grappig om tegen de hiërarchie aan te trappen. Ik denk dat dat mede komt, omdat ik steeds te laag werd ingeschat. Ik voelde me vaak wat slimmer of bijdehanter dan klasgenoten en dacht bij leraren vaak: ze doen alsof ze het weten, maar ze weten het eigenlijk ook niet. Ondanks een goede CITO-score kwam ik op het VBO terecht en vervolgens op de MBO Sociaal Pedagogisch werk op het Da Vinci College in Gorinchem. Daar liep ik vast, werd min of meer van school gestuurd en geadviseerd het te proberen op het Da Vinci in Dordrecht. Men dacht, dat het in een grotere stad beter zou gaan. Ook hier liep ik echter vast, kreeg het steeds aan de stok met docenten."

,,Ik had al jong het gevoel dat Gorinchem te klein voor mij was. Je draaide rond in een klein kringetje, waar iedereen het deed met iedereen. Ik stond daar toch een beetje buiten, of boven, zo je wilt. Ik was erg gefascineerd door de stad Rotterdam, waar ik regelmatig bij een tante logeerde. Als we Rotterdam naderden en de skyline opdoemde met al die lichtjes, als we over de Maasboulevard reden, dan ging mijn hart open. Ik wist al jong, dat ik daar ooit zou wonen."

,,Die opstandige kant zal wel in de genen zitten, die ik van mijn vader heb meegekregen. Van moeder of door de opvoeding komt het in ieder geval niet. Toen ik een korte tijd bij McDonald's werkte in Vuren, ontdekte ik al snel, dat dat ook niks was voor mij. Ik besloot mijn studie in Utrecht voort te zetten. En als ik eenmaal echt een besluit neem, dan ga ik er ook helemaal voor. Toen ging ik als een speer. Ik rondde de opleiding verkort af in twee jaar op niveau 4. Door een stage in een gezinsvervangend tehuis in Gorinchem, leerde ik de gehandicaptenzorg kennen. Ik stapte over naar de HBO Maatschappelijk Werk en Dienstverlening in Rotterdam, waar ik inmiddels woonde. Ook daar ging ik een jaar sneller dan gebruikelijk. Mijn plan was na mijn afstuderen naar de universiteit te gaan. Ik wilde altijd al graag universitair geschoold zijn. Dat was ook een erezaak: ik wilde iedereen laten zien dat ik echt niet dom was of niet kon leren. Maar net voor het afstuderen aan de HBO raakte ik dus - ondanks de pil - zwanger, van de Arthur in het boek, een losse scharrel. Ik nam het niet zo nauw met de zeden en normen, die in de familie moederszijde gangbaar waren. Ik had regelmatig vriendjes, seksualiteit is deel van het leven, daar doe ik niet moeilijk over. Ook in mijn boek komt dit aan bod."

,,Hoewel ik wel even een abortus heb overwogen, heb ik dat al snel uitgesloten. De vader dacht daar anders over. We hebben er welgeteld één keer over gesproken en toen was het klaar voor hem. Ik heb hem niet meer gezien. Dat heb ik hem kwalijk genomen. Ik begrijp best, dat hij niet met mij wilde trouwen of zo, we kenden elkaar immers maar oppervlakkig en ook hij had hele andere plannen in zijn leven, maar als je vader wordt heb je verantwoordelijkheden. Die moet je dan op je nemen."

,,Ik heb in het boek geen enkel oordeel uitgesproken over vrouwen, die wel tot een abortus besluiten. Ik kan dat zeker respecteren, maar voor mij was dat dus niet aan de orde. Maar voor de vader had ik geen begrip. Als je seks hebt, weet je dat dit kan gebeuren. Hij heeft nooit gevraagd of ik wel aan de pil was. Dan mag je kop niet in het zand als het toch gebeurt. Elk kind heeft recht op een vader. Zelf heb ik ook niet geleden onder een gezin zonder vader, maar ik heb altijd gehecht aan het contact met hem."

,,Het was een moeilijke tijd. Ik heb die tijd beschreven in het boek. Ik moest het alleen doen. Ik moest mijn toekomstplannen bijstellen. Gelukkig had ik steun van mijn moeder en van vriendinnen. Ik heb niet zo'n groot netwerk, maar de vrienden die ik heb, zijn allemaal bijzondere mensen. Ook de reactie van de familie was eigenlijk best positief en mijn moeder vond het vooral leuk. Ik worstelde wel met de vraag of ik het wel zou kunnen helemaal alleen, maar anderzijds wist ik van mijzelf: als ik mij committeer, dan doe ik het ook! In het boek heb ik familieleden en met name oma, als opposant opgevoerd, maar in werkelijkheid was ze lief. We hebben een goede band."

,,De eerste vijf jaar heb ik alleen gewoond met Mila. Wel ben ik van werk veranderd en van het inloophuis in de Gehandicaptenzorg overgestapt naar de Jeugdzorg. Ik werd naast-wonend mentor. Mila en ik wonen beneden in een groot herenhuis in Rotterdam en boven wonen vier jongeren, tussen 16 en 18 jaar, die uit huis geplaatst zijn en zich voorbereiden op zelfstandig wonen. Zo kon ik het werk van huis uit doen en goed combineren met de zorg voor Mila."

,,Ik vond het aanvankelijk wel heel ingewikkeld hoor. Je moest overal over nadenken. Wanneer doe ik boodschappen, wanneer zet ik de vuilniszak buiten, dat soort dingen, die vanzelf spreken als je met tweeën bent. Anderzijds lukt het mij gelukkig altijd ook de andere, positieve kant te zien: het is niet per definitie gemakkelijker om met twee te zijn, om naast moeder ook partner te moeten zijn. Ik bedoel, dat kan ook ingewikkeld zijn. Dat zie ik wel bij anderen."

,,Na 5 jaar kreeg ik een nieuwe bestendige relatie. Met Tedros. We wonen alweer vijf jaar samen en hebben een zoontje, nu anderhalf jaar oud. Dat gezin is er dus toch gekomen."

,,Pas zes jaar geleden begon ik te denken aan schrijven. Ik wilde eigenlijk voor Mila de geschiedenis van haar geboorte beschrijven. Ik dacht, nu weet ik het nog, straks ben ik alles vergeten. Maar gaandeweg het schrijven kreeg het een andere vorm. Ik merkte dat ik het meer voor mezelf deed dan voor haar. Ik heb alles weggegooid en ben opnieuw begonnen. Binnen mijn netwerk liet ik het mensen lezen en hoorde vaak, dat het goed was, dat ik er meer mee moest doen. Zo is het gegaan. Ik heb het manuscript afgemaakt en het naar alle grote uitgevers in Nederland gestuurd. Ik hoorde niks terug. Ik denk dat het niet eens gelezen werd. Ik had dit ontzettend onderschat. Begreep dat niemand op de onbekende Kim zat te wachten. Toen sprak ik een kunstenaar, die mij leerde dat ik klein en bescheiden moest beginnen en stapje voor stapje moest proberen op te klimmen. Toen heb ik kleinere uitgevers aangeschreven en kreeg van drie van hen een positieve reactie. Ik koos voor ISJB-uitgeverij, vanwege de persoonlijke klik met de eigenaar."

,,Snel bleek, dat het boek niet alleen gelezen werd door de primaire doelgroep, vrouwen tussen 16 en 40 jaar, maar ook door mannen en ouderen. Dat was een verrassing. Zo ook het feit dat het boek zo snel in de top 5 van meest populaire boeken terechtkwam. En de recensies waren goed. Toen was de beer los. Ik vond schrijven geweldig. Ik schrijf, omdat ik het leuk vind. Ik kan me nu niet meer voorstellen, dat ik ooit niet geschreven heb. Na het boek 'Goud en Lavijn' komt er een vervolg op Julia Jonkers, over het eerste jaar moederschap."

,,Het is wel passen en meten, om naast het gezin en mijn werk, tijd en focus te vinden voor het schrijven. Je moet alle beschikbare momenten gebruiken. Tijdens het middagslaapje van het jongste kind en 's avonds. En ook wel tussendoor. Ik heb altijd gemakkelijk dingen naast en door elkaar kunnen doen. Ik weet niet beter."

Bij het afscheid betaalt zij de consumpties. ,,Ik kom niks tekort", zegt ze. En je ziet, dat het waar is.